Nederlands
Menu
2.2-Trui-van-Bloom (1)
2.2-Trui-van-Bloom-2
2.2-Trui-van-Bloom-3
Categorie Vrouwen
Aanbevolen garen Bloom
Techniek Trui
Maten 36/38/40 - 42/44/46
Patroon delen

Trui van Bloom

Materiaal: Scheepjes Bloom limegroen (413) 9-10 bollen, groen (412) 2 bollen, breinaalden nr. 5 en 4 breinaalden zonder knop nr. 5.
Voor de andere kleurstellingen gebruik: Scheepjes Bloom grijs (422), en roze (409), of Bloom petrolblauw (410) en blauw (416).

Stekenverhouding: 18 steken en 24 naalden in tricotsteek gebreid zijn 10x10 cm.
Controleer dit en gebruik indien nodig andere naalden.

Gebruikte steken:

Tricotsteek: recht op de goede, averecht op de verkeerde kant. Gaten breien: brei aan de rechterkant van het voorpand op een hoogte van 9-23-37 cm het gat als volgt: brei 10-12 steken, neem een nieuwe draad en brei 14 steken, neem weer een nieuwe draad en brei de laatste 76-82 steken. Brei in de teruggaande naald de laatste 2 steken van de 76-82 steken en de eerste 2 steken van de 10-12 steken recht. Brei over deze indeling 14 naalden. Brei in de laatste teruggaande naald alle steken weer samen als volgt: Brei 76-82- steken, zet de volgende 14 steken op een naald zonder knop en draai deze een kwart slag naar rechts en brei deze averecht en aansluitend de 10-12 steken.

Werkwijze:

Rugpand: Zet met limegroen 100-108 steken op en brei in tricotsteek tot een hoogte van 48-49 cm. Kant voor de hals de middelste 32-36 steken af en brei beide kanten apart verder. Kant aan de halskant in elke volgende 2e naald nog 1x3, 1x2, en 3x1 steek af. Kant bij 52-53 cm hoogte de overige 26-28 steken voor de schouders af.

Voorpand: Zet met limegroen 100-108 steken op en brei in tricotsteek. Brei op een hoogte van 9-23-37 cm aan de rechterkant het motief zoals hierboven beschreven. Kant bij 44-45 cm hoogte voor de hals de middelste 24-28 steken af en brei beide kanten apart verder. Kant aan de halskant nog in elke volgende 2e naald 1x3, 1x2, en 7x1 steek af. Kant bij 52-53 cm hoogte de overige 26-28 steken voor de schouders af.

Afwerking: Sluit de schoudernaden. Neem met naalden zonder knop en groen aan de goede kant van het werk langs de hals van het rug- en voorpand 150-158 steken op en brei 3 cm tricotsteek. Kant de steken af. Neem voor het 2e boord met limegroen aan de binnenkant van het werk langs de hals van het rug- en voorpand 150-158 steken op en brei 4 cm tricotsteek. Kant de steken af en laat de boorden naar buiten omrollen. Sluit de onderste 33 cm van de zijnaden. Neem met de breinaalden zonder knop en groen langs de onderkant van de panden aan de buitenkant 196-212 steken op en brei 3 cm tricotsteek. Kant de steken af. Neem voor het 2e boord met limegroen aan de binnenkant van het werk 196-212 steken op en brei 4 cm in tricotsteek. Kant de steken af en laat de boorden naar buiten rollen. Neem voor de mouwboorden me naalden zonder knop en groen aan de goede kant van het werk 66-70 steken op en brei 3 cm tricot steek. Kant de steken af. Neem voor het 2e boord met limegroen aan de binnenkant van het werk 66-70 steken op en brei 4 cm tricotsteek. Kant de steken af en laat de boorden naar buiten omrollen.

2.2-Patroon-1
Ga terug naar patronen overzicht
Sluiten Taal