Nederlands
Menu
208 (1)
Categorie Vrouwen
Aanbevolen garen Larra
Techniek Vest
Maten 36/38 - 40/42 - 44/46
Patroon delen

Damesvest van Larra

By Scheepjes

Materiaal: Scheepjes Larra blauw (7371) 8–8–9 bollen, wit (7310) 1–1–2 bollen, 3 knopen, breinaalden nummer 3 met en zonder knop, circa 80 cm lange rondbreinaald nummer 3.

Stekenverhouding: 20 steken en 45 naalden in patroonsteek gebreid, zijn 10 x 10 cm. Controleer dit en gebruik indien nodig andere naalden.

Gebruikte steken:

Patroonsteek:
1e naald (verkeerde kant): Averecht.
2e naald: 1 recht, *1 steek dieper insteken en recht breien, 1 steek recht, herhaal vanaf * tot einde.
3e naald: Averecht.
4e naald: 1 steek dieper insteken en recht breien, *1 steek recht, 1 steek dieper insteken en recht breien, herhaal vanaf * tot eind.
Herhaal steeds deze 4 naalden.

Tricotsteek: Recht op de goede, averecht op de verkeerde kant.

Werkwijze:

Rugpand: Zet met blauw 87–95–103 steken op en brei patroonsteek. Zet bij 34 cm hoogte voor de mouwtjes aan beide kanten afwisselend 2 x 4 en 2 x 5 steken op de naald erbij in elke 2e naald, = 123–131–139 steken. Kant bij 53–54–55 cm hoogte voor de hals de middelste 21–23–25 steken af en brei beide kanten apart verder. Kant aan de halskant nog 2x in elke volgende 2e naald 4 steken af. Kant hierna de overige 43–46–49 steken af voor de schouders. De totale hoogte is 54–55–56 cm.

Rechter voorpand: Zet met blauw 28–32–36 steken op en brei patroonsteek. Zet aan het einde van de eerste teruggaande naald voor de ronding 3 steken op de naald erbij. Zet in elke 2e volgende naald aan dezelfde kant nog 1 x 3, 2 x 2, 3 x 1 op de naald erbij en aansluitend nog 3 x 1 steek in elke volgende 4e naald en 3 x 1 steek in elke volgende 6e naald, = 47–51–55 steken. Meerder bij 34 cm hoogte voor het mouwtje als bij het rugpand. Minder bij 36 cm hoogte voor de hals 1 steek als volgt: Brei 1 steek, haal de volgende steek af, brei 1 steek en haal de afgehaalde steek over de afgehaalde steek. Minder hierna nog 21–22–23 x 1 steek in afwisselend elke 2e en 4e naald. Kant bij 54–55–56 cm hoogte de overige 43–46–49 steken af voor de schouder.

Linker voorpand: Brei het rechter voorpand in spiegelbeeld. Minderingen voor de hals: Brei de naald tot er nog 3 steken op de linkernaald staan, 2 steken recht samen breien, 1 steek breien.

Afwerking: Sluit de schouder-, mouw- en zijnaden. Neem met de rondbreinaald en wit op de goede kant langs de onderkant, voorpanden en hals steken op (24 steken per 10 cm) en brei 5 toeren tricotsteek. Kant af. Neem met breinaalden zonder knop en wit langs de mouwtjes 90–95–100 steken op en brei 5 toeren tricotsteek. Kant af. Vouw de witte biezen naar binnen en naai deze aan de kantsteken van de panden. Zet voor de knoopsgaten (3x) met wit circa 12 steken op (afhankelijk van gewenste grootte van de knoopsgaten) en brei 3 naalden tricotsteek. Kant af. Naai de lussen verdeeld aan de binnenkant van de witte bies van het rechter voorpand vast. Naai de knopen aan.

208
Ga terug naar patronen overzicht
Andere patronen door Scheepjes
Sluiten Taal