Nederlands
Menu
5232 (1)
Categorie Kinderen
Aanbevolen garen Mix
Type Vest
Techniek
Maten 128 - 140 - 152
Patroon delen

Meisjesvest van Mix

By Scheepjes

Materiaal: Scheepjes Mix grijs (2298) 4–4–5 bollen, donkerrood (2210) 1 bol, oranje (2280) 1 bol, blauw (2240) 1 bol, breinaalden nummer 3½ of 4, haaknaald nummer 4, 3 knopen.

Stekenverhouding: 22 steken en 29 naalden in tricotsteek gebreid, zijn 10 x 10 cm. Controleer dit en gebruik indien nodig andere naalden.

Gebruikte steken:

Ribbelsteek: Alle naalden recht.

Ajourpatroon: Brei volgens teltekening. Alleen de heengaande naalden zijn aangegeven, de teruggaande naalden averecht breien. + = kantsteek, open hokje = recht, < = overhaling (1 steek afhalen, 1 steek breien en de afgehaalde steek overhalen), > = 2 steken recht samenbreien, o = omslag.

Boordsteek: Afwisselend 2 steken recht en 2 steken averecht.

Tricotsteek: Recht op de goede, averecht op de verkeerde kant.

Kleine bloem: Haak 4 lossen en sluit met een halve vaste tot een ring.
1e toer: 4 lossen, *1 stokje in de ring, 1 losse, herhaal nog 6x vanaf *, = 8 boogjes, sluit elke toer met een halve vaste.
2e toer: Haak in elk boogje: 1 vaste, 1 losse, 2 stokjes, 1 losse, 1 vaste.

Grote bloem: Haak de kleine bloem en dan 3e toer: 7 lossen, *1 vaste tussen de 2 vasten van de vorige toer, 6 lossen, herhaal vanaf * 6x, = 8 bogen. 4e toer: haak in elke boog: 1 vaste, 1 losse, 5 stokjes, 1 losse, 1 vaste.

Streeppatroon: 20–26–30 naalden grijs, 6 naalden rood, 4 naalden grijs, 12 naalden blauw, 12 naalden grijs, 6 naalden oranje, 10 naalden grijs, 6 naalden blauw, 4 naalden oranje.

Werkwijze:

Rugpand: Zet met grijs 92–92–101 steken op en brei 5 naalden ribbelsteek. Brei verder in ajourpatroon tot 12–13–14 cm hoogte. Brei verder het streeppatroon in tricotsteek, minder in de eerste naald verdeeld tot 86–90–94 steken. Minder aan de zijkanten 5 x 1 steek in elke 16e naald. Brei na het streeppatroon verder met grijs in tricotsteek. Kant bij 41–44–47 cm hoogte voor de armsgaten 1 x 2 en 2 x 1 steken af in elke 2e naald. Kant bij 54–58–62 cm hoogte voor de hals de middelste 32 steken af en brei beide kanten apart verder tot 55–59–63 cm hoogte. Kant de overige 18–20–22 steken voor de schouders af.

Linker voorpand: Zet met grijs 54 steken op en brei op de eerste 46 steken (1e naald is verkeerde kant) 5 naalden ribbelsteek en daarna het ajourpatroon en op de laatste 8 steken boordsteek. De 8 steken boordsteek over de gehele lengte door breien. Brei het ajourpatroon tot dezelfde hoogte als bij het rugpand en brei daarna verder in tricotsteek als bij het rugpand, minder in de 1e naald verdeeld tot 39–42–44 steken. Minder aan de zijnaad als bij het rugpand. Brei in de sluitbies op 38–39–41, 45–47–50 en 52–55–59 cm hoogte een knoopsgat. Kant voor een knoopsgat de 5e steek af en zet deze er in de volgende naald weer bij op. Minder voor het armsgat als bij het rugpand. Zet bij 51–54–58 cm hoogte de 8 steken boordsteek op een stekenhouder en kant voor de hals nog 1 x 4–5–5 steken af. Kant aan de halskant hierna nog 1 x 3, 1 x 2 en 3 x 1 steken af in elke 2e naald. Kant de steken voor de schouder op dezelfde hoogte af als bij het rugpand.

Rechter voorpand: Brei het linker voorpand in spiegelbeeld, maar zonder knoopsgaten.

Mouwen: Zet met grijs 42 steken op en brei 5 cm boordsteek, meerder in de laatste naald tot 42–44–46 steken. Brei verder in tricotsteek. Meerder voor de mouwwijdte 9–10–11 x 1 steek aan beide kanten van afwisselend elke 6e en 8e naald. Kant bij 30–33–37 cm hoogte voor de mouwkop 1 x 2, 4 x 1, 1 x 2 en 1 x 3 steken af aan beide kanten van elke 2e naald. Kant de overige steken af.

5231 en 5232
5232
Ga terug naar patronen overzicht
Andere patronen door Scheepjes
Sluiten Taal