Nederlands
Menu
5649
Categorie Kinderen
Aanbevolen garen Noa , Novello , Butterfly
Type Jas
Techniek Breien
Maten 116/122 - 128/134 - 140/146
Patroon delen

Meisjesjas en -muts van Noa of Novello en Butterfly

By Scheepjes

Materiaal: Scheepjes Noa donkerrood (08) of de kwaliteit Novello 3–4–4 bollen, Butterfly (02) 4–4–5 bollen, 4 knopen, breinaalden nummer 7 en 8.

Stekenverhouding: 11 steken en 15 naalden met Noa in tricotsteek gebreid, zijn 10 x 10 cm. Controleer dit en gebruik indien nodig andere naalden.

Gebruikte steken:

Ribbelsteek: Alle naalden recht.

Tricotsteek: Recht op de goede, averecht op de verkeerde kant.

Werkwijze jas:

Rugpand: Zet met naalden nummer 7 en Butterfly 58–60–62 steken op en brei 6 cm ribbelsteek, minder in de laatste teruggaande naald verdeeld tot 52–54–56 steken. Brei verder met naalden nummer 8 en Noa in tricotsteek. Minder 6 x 1 steek aan beide kanten van elke 8e–9e–10e naald. Kant bij 37–40–43 cm hoogte voor de armsgaten 1 x 2 steken af. Kant in de 2e volgende naald aan beide kanten nog 1 steek af. Kant bij 50–54–58 cm hoogte voor de hals de middelste 18 steken af en brei beide kanten apart verder tot 52–56–60 cm hoogte. Kant af.

Rechter voorpand: Zet met naalden nummer 7 en Butterfly 26–27–28 steken op en brei 6 cm ribbelsteek, minder in de laatste teruggaande naald verdeeld tot 24–25–26 steken. Brei verder met naalden nummer 8 en Noa in tricotsteek. Minder aan de linkerkant als bij het rugpand. Kant bij 47–51–54 cm hoogte voor de hals 1 x 4 steken af. Kant in elke 2e volgende naald nog 1 x 2 en 1 x 1 steken af. Kant de steken voor de schouder op dezelfde hoogte af als bij het rugpand.

Linker voorpand: Brei het rechter voorpand in spiegelbeeld.

Mouwen: Zet met naalden nummer 7 en Butterfly 24–25–26 steken op en brei 6 cm ribbelsteek, minder in de laatste teruggaande naald verdeeld tot 22–24–24 steken. Brei verder met naalden nummer 8 en Noa in tricotsteek. Meerder voor de mouwwijdte 3–3–4 x 1 steek aan beide kanten van elke 8e–10e–9e naald. Kant bij 28–31–34 cm hoogte voor de mouwkop 1 x 2 steken af. Kant in elke volgende 2e naald nog 4 x 1, 1 x 2 en 1 x 3 steken af. Kant de overige steken af.

Afwerking: Neem met naalden nummer 7 en Butterfly langs de hals 40–42–42 steken op en brei 5–5–6 cm ribbelsteek. Kant af. Neem langs beide voorpanden met naalden nummer 7 en Butterfly 59–66–70 steken op en brei 6 cm ribbelsteek. Kant af. Maak aan het rechter voorpand verdeeld 4 lusjes voor de knopen. Zet de mouwen aan, het midden van de mouw komt tegen de schoudernaad. Sluit de mouw- en zijpanden. Naai de knopen aan.

Werkwijze muts: Zet met naalden nummer 7 en Butterfly 58 steken op en brei 10 cm ribbelsteek. Brei verder met naalden nummer 8 en Noa in tricotsteek. Minder na 2 naalden verdeeld over de naald 11 steken. Herhaal deze minderingen in de volgende 4e naald en nog 2x in elke volgende 2e naald. Brei in de volgende 2e naald: 1 kantsteek, 6 x 2 steken samenbreien, 1 kantsteek. Haal door de laatste 8 steken een draad, trek aan en hecht af. Sluit de achternaad.

5649
5649
5649-2
Ga terug naar patronen overzicht
Andere patronen door Scheepjes
Sluiten Taal