Nederlands
Menu
141
Categorie Vrouwen
Aanbevolen garen Pittsburgh , Merino Soft , Highlands
Techniek Breien
Maten 36/38 - 40/42 - 44/46
Patroon delen

Damesvest van Pittsburgh, Merino Soft en Highlands

By Scheepjes

Materiaal: Scheepjes Pittsburgh antraciet (9175) 1–2–2 bollen, wit (9160) 1 bol, blauw (9126) 1 bol, beige (9177) 2–bollen, felrood (9112) 1 bol, donkerrood (9110) 1 bol Merino Soft zwart Pollock (601) 1 bol, wit Malavich (600) 1 bol, Highlands bruin (502) 2–3–3 bollen, 2 houtje–touwtje sluitingen, breinaalden nummer 6, een 120 of 150 cm rondbreinaald nummer 6.

Stekenverhouding: 16 steken en 22 naalden met Pittsburgh in jacquardpatroon en 14 steken en 20 naalden met dubbele draad Merino Soft in tricotsteek gebreid, zijn 10 x 10 cm. Controleer dit en gebruik indien nodig andere naalden.

Gebruikte steken:

Jacquardpatroon I: Brei volgens telpatroon. Elk ruitje is 1 steekbreed en 1 naald hoog.

Jacquardpatroon II: Brei volgens hetzelfde telpatroon, maar nu is elk ruitje 1 steek breed en 2 naalden hoog.Open ruitje = antraciet, o = beige, x = felrood, / = blauw, v = wit, \ = donkerrood, M = midden mouw.

Tricotsteek: Recht op de goede, averecht op de verkeerde kant.

Gerstekorrelsteek: 1e naald: Afwisselend 1 steek recht en 1 steek averecht. Alle volgende naalden: Recht boven averecht, averecht boven recht.

Boordsteek: Afwisselend 2 steken recht en 2 steken averecht.

Werkwijze:

Rugpand: Zet met Pittsburgh beige 78–85–91 steken op en brei 1 naald averecht. Brei verder in jacquardpatroon I, begin bij A–B–C op de teltekening. Kant bij 39 cm hoogte voor de armsgaten aan beide kanten 2 steken af en in de 2e volgende naald aan beide kanten nog 1 steek. Kant bij 56–57–58 cm hoogte voor de hals de middelste 16 steken af en brei beide kanten apart verder. Kant in de 2e volgende naald aan de halskant nog 8 steken af. Kant bij 58–59–60 cm hoogte de overige 21–24–27 steken af voor de schouders.

Rechter voorpand: Zet 8–10–11 steken op met 1 draad Merino Soft zwart + 1 draad Merino Soft wit en 14–16–17 teken met Pittsburgh beige. Brei op de steken Pittsburgh 1 naald averecht en verder in jacquardpatroon II, begin bij de 15e naald op het telpatroon. Brei op de steken Merino Soft tricotsteek. Zet voor de ronding aan het einde van de 1e naald met Merino Soft 2 steken op de naald erbij, aan het einde van elke volgende 2e naald nog 2 x 2 en 3 x 1 steken en aansluitend nog 2x aan het einde van elke volgende 4e naald 1 steek, = 19–21–22 steken Merino Soft. Minder bij 34–35–36 cm hoogte voor de schuine kant van de hals 1 steek. Minder door naast de kantsteek een overhaling te maken (= 1 steek afhalen, 1 steek recht en de afgehaalde steek overhalen). Herhaal deze mindering nog 9x in elke 4e naald. Minder ondertussen voor het armsgat als bij het rugpand. Kant de overige 20–24–26 steken voor de schouder op dezelfde hoogte af als bij het rugpand.

Linker voorpand: Zet met Pittsburgh beige 24–28–30 steken op en 1 naald averecht en verder in jacquardpatroon I. Meerder voor de ronding en minder voor de hals en armsgat als bij het rechter voorpand, maar dan in spiegelbeeld.

Rechtermouw: Zet 26–26–30 steken op met Highlands en brei 10 cm boordsteek. Brei verder met Pittsburgh jacquardpatroon I, meerder hierbij in de 1e naald verdeeld tot 33–35–37 steken en tel voor de te beginnen steek vanaf het midden. Meerder voor de mouwwijdte 12–12–13x aan beide kanten van elke 6e naald 1 steek, = 57–59–63 steken. Kant bij 48 cm hoogte voor de mouwkop aan beide kanten 2 steken af en aan beide kanten van elke volgende 2e naald nog 3 x 1, 1 x 2 en 1 x 3 steken. Kant de overige 37–39–43 steken af.

Linkermouw: Brei als de rechtermouw, maar brei na het boord verder in jacquardpatroon II, begin bij de 15e naald.

Afwerking: Sluit de schoudernaden. Zet de mouwen aan, het midden van de mouw komt tegen de schoudernaad. Sluit de mouw- en zijnaden. Neem met de rondbreinaald en Highlands, vanaf de 1e mindering voor de hals, langs het voorpand, langs de onderkant van het vest, tot aan de 1e mindering van het andere voorpand steken op (circa 14 steken per 10 cm en deelbaar door 4 + 2) en brei 6 cm boordsteek in heen- en teruggaande toeren. Kant soepel in boordsteek af. Neem met dubbele draad Merino Soft (1 draad zwart + 1 draad wit) langs de schuine kant van het rechter voorpand 38 steken op en met Highlands langs de achterhals en schuine kant van het linker voorpand 68 steken op en brei gerstekorrelsteek. Sla bij het wisselen van kleur de draden om elkaar om gaatjes te voorkomen. Brei in verkorte toeren als volgt: brei 65 steken, keer, maak een omslag, brei 25 steken, keer, maak een omslag, brei 30 steken, keer, maak een omslag, brei 35 steken, keer, maak een omslag, brei 40 steken, keer, maak een omslag en brei in elke volgende naald steeds 5 steken meer tot over alle steken is gebreid. Brei over alle steken verder, hierbij in de 1e naald elke omslag met de daarop volgende steek samen breien, dit om gaatjes te voorkomen. Brei tot de zijkanten van het boord even hoog zijn als het boord Highlands (langs voor en onderkant). Kant af. Naar de zijkanten van de kraag tegen de zijkanten van het Highlands boord. Sla het halsboord naar buiten om. Naai de sluitingen op de voorpanden (zie foto).

141
141
141
Ga terug naar patronen overzicht
Andere patronen door Scheepjes
Sluiten Taal